Wat (v)echtscheiden en puberen met elkaar gemeen hebben

Toen ik in scheiding lag met de vader van mijn kinderen, maalden er permanent discussies met hem door mijn hoofd – door mij verzonnen gesprekken, wel te verstaan. Waarin wij het oneens waren over van alles en nog wat, en ik hem van mijn gelijk probeerde te overtuigen. Dit gebeurde uiteraard ook tijdens de vele wandelingen met mijn hond. En er begon iets in mij te dagen, toen ik merkte dat zij erop reageerde: als ik mij in gedachten al te zeer opwond, ging zij mij vaak indringend staan of zitten aankijken, om pas weer door te lopen als ik uit mijn hoofd stapte, terug haar wereld in. Tot ik mij op enig moment realiseerde dat deze interne dialogen feitelijk gesprekken met mijzelf waren, waarin ik aan mijzelf verantwoording aflegde voor mijn doen en laten. Niet aan hem dus (de man was zich immers van geen kwaad bewust) maar aan mij. Ik was mijzelf steeds aan het uitleggen waarom ik bepaalde keuzes maakte, omdat ik mij nog steeds verantwoordelijk voelde voor zijn reactie daarop. En dat had dan weer twee kanten: enerzijds wat het voor hemzelf zou betekenen en anderzijds – eigenlijk veel schokkender voor mij – hoe hij hierdoor over mij zou denken. Want ja, ik betrapte mijzelf erop dat ik ondanks alles nog steeds zijn erkenning zocht: hem laten begrijpen (in mijn hoofd) waarom ik de dingen had gedaan die ik had gedaan, deed die ik deed, was feitelijk niet meer dan uitleggen dat ik heus wel oké was, en het allemaal niet zo kwaad had bedoeld als hij het misschien wel interpreteerde, enzovoort. En tegelijkertijd was ik dat dus vooral aan mijzelf aan het uitleggen…

Vechtscheidingen ontstaan en blijven doorgaan, als ex-partners blijven zoeken naar erkenning van de ander.

Het moment dat ik mij realiseerde dat ik daarmee mocht stoppen, dat het voor mij niet meer belangrijk was of de beste man mij ‘aardig’ vond, dat ik niet meer hoefde voor te sorteren op zijn eventuele reactie op mijn keuzes en dat ik mij alleen hoefde af te vragen of ik steeds oprecht en vanuit mijn eigen goede hart handelde, stopte ook het malen. Mijn hond trippelde weer onverstoorbaar verder en op een dag realiseerde ik mij dat ook de pijn in mijn schouder, die in die periode chronisch was geworden, steeds vaker verzachtte tot een soort getintel.

Het meest verstrekkende gevolg van deze inzichten was evenwel dat de energie tussen mij en mijn ex van de ene op de andere dag op haast magische wijze veranderde: doordat ik vanuit mijn eigen hart ging handelen, kwamen zijn reacties ook vanuit een heel andere plek dan voorheen.

Mijn conclusie? Vechtscheidingen ontstaan en blijven doorgaan, als ex-partners blijven zoeken naar erkenning van de ander. Als ze blijven zoeken naar die: “We hebben wel ruzie gehad en ik vond jou gedrag niet altijd oké, maar ik vergeef je. Want als mens deug je heus wel.” Zolang dat zoeken voortduurt, zijn we ons nog alsmaar aan het verhouden tot die ex. Terwijl we nou juist zonder hem of haar zouden verdergaan, toch?

Net zoals een klein kind zich in alles tot de ouders verhoudt, verhouden partners zich in de loop der tijd in alles tot elkaar. En als volwassenen in een scheiding belanden, gebeurt er ook net zoiets als wanneer een kind gaat puberen: we moeten onze eigen waarheid (weer) gaan vormgeven. Wat was ook al weer van mij en wat van jou? Waar wil ik vanaf, wat wil ik meenemen en waar wil ik heen? Die fase moeten we allemaal door – als puber èn als exen. De kunst is alleen dat we ons, net als die puber, op enig moment niet meer hoeven afzetten om onze eigen waarheid te voelen. Dat er een moment komt dat we autonoom in onze eigen wereld kunnen gaan en staan, ongeacht wat een ander daarvan vindt. Dan kunnen we op een volwassen manier onze oude relatie achter ons laten en ons richten op wat voor ons ligt.

De vader van mijn kinderen en ik hebben sindsdien geen onderlinge conflicten meer gehad en mijn hond gaat nog steeds haar eigenwijze gangetje. Mijn schouder is in de tussentijd een vertrouwde raadgever geworden: als die zich laat voelen, vertelt hij mij dat ik te veel gericht ben op een ander – wie, weet ik op dat moment wel – en dat het tijd is om mijzelf weer op te zoeken.